De kracht van een woord

George Carlin is er al enkele jaren niet meer, maar zijn filmpjes blijven actueel. Laatst nog begroef Gent officieel het woord allochtoon. Buitenlander, immigrant, nieuwe Belg, … ze zijn allemaal al de revue gepasseerd, en keer op keer worden ze gedenoteerd tot politiek incorrect woord. Tot iets vies. Een symptoom van een dieper liggend probleem dat we koste wat kost moeten vermijden.

Vaak wordt het gebruik van semantiek tot iets frivool herleid. Het wordt soms zelfs een beetje in het belachelijke getrokken. Een eenvoudig woord kan geen verandering teweeg brengen. Op de site van de Morgen konden lezers hun mening geven over het schrappen van het woord allochtoon. 62% van hen vond het een domme maatregel. En ergens begrijp ik dat, perfect zelfs. Het lijkt maar een detail, een nabeschouwing, maar ik wilde toch graag even aantonen hoe suggestief een woord kan zijn.

100 laatstejaarsstudenten handelsingenieur aan de ULB werden verdeeld in twee gelijke groepen. Ze kregen elk een vraagstuk voorgeschoteld en moesten daarop een passende remedie formuleren (Boers, 1997). De twee teksten gingen als volgt:

1. 

You are a top executive of a firm that produces kitchen equipment. So far, your company has had its stronghold in northern Europe. Now it would like to expand into southern Europe. However, you are confronted with a new Taiwanese competitor which has started to set up its camps in Europe. They swiftly conquer prospective customers and are winning the battle for new market share. Moreover, since their products are much cheaper than yours, you are afraid they will soon be invading your domestic territory too. Your company seems to lack the muscle to fight this new adversary in the market arena. Your firm seems unable to retaliate because of high labour costs and its positions seem enfeebled by regulations, recurring inefficiency and bureaucracy. Today the board of directors is meeting to decide on the right strategy for your firm.

  What would you propose?

2.

You are a top executive of a firm that produces kitchen equipment. So far, your company has been active only in the northern European market. Now it would like to move into southern Europe. However, you are confronted with a new Taiwanese competitor which has started to set up its lean and dynamic affiliates in Europe. They move swiftly to prospective customers and they are way ahead of your firm in the race for new market share. Moreover, since their products are much cheaper than yours, you are afraid they will soon be catching you up in your domestic market too. Your company does not seem fit enough to deal with this vital new competitor. Your company seems paralysed by high labour costs and crippled by regulations, chronic inefficiency and bureaucracy. Today the board of directors is to decide on the right cure for the firm.

  What would you propose?

Kort samengevat: Tekst 1 omvat oorlogsmetaforen, Tekst 2 bevat gezondheids- en wedloopmetaforen.

En ja, je kan het al raden. In groep 1 kwamen veel agressievere oplossingen naar voor.

Cut prices
Raise demands on staff
A merger or an alliance with another European firm
Ask the government for protectionist measures
Industrial espionage

Haantje-de-voorste maatregelen noem ik dat.

Groep 2 kwam met zorgzamere en conservatievere alternatieven.

Slim down the size of the Belgian firm
Invest more in R&D
Produce high-quality expensive goods

In conclusie: het is aanneembaar dat metaforen onze denkwijze kunnen beïnvloeden, maar hé, je moet me vooral niet op mijn woord geloven. De vraag blijft nu enkel of het ontmenselijken van een woord een probleem oplost of het eenvoudigweg onder de mat schuift.

5 thoughts on “De kracht van een woord

  1. Als we alleen maar eufemistische preutse woorden gebruiken veranderen we al snel in een maatschappij waarin niets nog mag gezegd worden. Gewelddadige jongeren in Brussel? Niets over zeggen, ik wil niet racistisch lijken. ‘Fuck’ op tv? Ik schrijf een klachtenbrief naar de VRT. Ik voel mij beledigd, zet AUB een trigger warning; het r-woord, … Als ik mag kiezen tussen een maatschappij waar kritiek wordt doodgezwegen en “offensief” vertoog geschuwd en een maatschappij waar vrije meningsuiting nog iets betekent, kies ik toch voor die laatste.

  2. Je argumentatie is erg warrig. “Fuck” doet hier bv. niet ter zake, het gaat over stigmatiserende termen.

    Termen, dus. De vraag is dus niet: mag je iets zeggen over gewelddadige jongeren in Brussel? De vraag is: moet je hen omschrijven als “allochtone jongeren” als ze van Noord-Afrikaanse of Turkse afkomst zijn? Waarom omschrijf je hen dan niet als “werkloze jongeren”, “laag opgeleide jongeren”, “arme jongeren”?

    U moet weten dat ik zoiets nog nauwelijks durft te schrijven, want ik weet dat ik dan iedereen over mij heen krijg omdat ik hun daden zou “goedpraten”. Blijkbaar is op zoek gaan naar de échte oorzaak een taboe. Men mag niet zeggen dat het om klassenconflict gaat eerder dan een rassenconflict, want dan is men “politiek correct”, zowat het ergste wat je in Vlaanderen anno 2013 kan genoemd worden.

    Ik geef elke dag les op een zogenaamde “concentratieschool”. Niemand moet mij vertellen dat er zaken gebeuren die absoluut niet door de beugel kunnen en dat er bij velen een attitudeprobleem heerst. Gaan we echter iets oplossen door te blijven doen alsof het hier om één uniforme, omwille van hun etnische afkomst gevaarlijke massa gaat?

    • De voorbeelden die ik aanhaalde hebben allemaal te maken met een maatschappij die niet meer onverbloemd wil praten over zaken, daar horen scheldwoorden nu eenmaal bij.

      Ik zou juist het omgekeerde zeggen van wat jij beweert. Je moet politiek correct zijn, anders word je scheef bekeken. “Wij zijn niet racistisch” is bijvoorbeeld één van de manieren waarop de NVA zich onderscheidt van het Vlaams Belang.

      Ik zeg niet dat dat er een verband is tussen huidskleur en geweld, ik vind het gewoon een probleem dat nieuwslezers niet meer het woord ‘Marokkaan” over hun lippen krijgen. De reden waarom ze het woord niet zeggen is niet omdat er geen causaal verband is tussen Marokkaan en geweld, maar omdat de kijkers zouden kunnen denken dat er een causaal verband wordt geïmpliceerd.als de nieuwslezers Marokkaan zouden zeggen. En dat willen we niet, dat is niet politiek correct!

      Dit alles doet mij een beetje denken aan het feit dat ‘Belg’ minder en minder wordt gezegd en wordt vervangen door ‘Vlaming’. Zelf als een buitenlandse trainer in het Engels ‘Belgium” zegt zal de nieuwslezer het als ‘Vlaanderen’ vertalen (tenzij het over Walen gaat natuurlijk). Maar dat is al weer een ander verhaal.

      • Fulmineren tegen “politieke correctheid” is nochtans ook erg bon ton binnen de N-VA kliek. En het VB zegt ook dat ze niet racistisch zijn he.

        Dat nieuwslezer niet meer Marokkaan zouden zeggen vind ik overigens hoogst twijfelachtig. Heb je daar concreet bewijs voor?

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out / Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out / Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out / Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out / Change )

Connecting to %s